|
Het verstrijken van de ultieme datum van 15 juli leverde weinig meer op dan een vaudeville en nieuwe stoere verklaringen. “Geen regering zonder ernstige staatshervorming”, zo luidde het devies langs Vlaamse kant.
Er is geen staatshervorming en een regering doen vallen lukt ook al niet meer. Van onmacht gesproken. We moeten het zelfs meemaken dat de dialoog wordt geleid door drie tweederangs politici, waaronder geen enkele Vlaming. Het signaal van het koningshuis is ondubbelzinnig: aan België wordt niet geraakt, ook als dat ten koste gaat van de democratie.
De Franstaligen van hun kant bereiden zich duidelijk voor op het post-Belgiëtijdvak en hun strategie is klaar en duidelijk:
- De Franstaligen blijven hardnekkig neen zeggen tegen elke hervorming. Zij willen duidelijk de geldstroom vanuit Vlaanderen zo lang mogelijk in stand te houden en zelfs nog opdrijven.
- Zij azen op een territoriale verbinding tussen Brussel en Wallonië met de duidelijke bedoeling om met een soort Waals-Brusselse staat verder te gaan de dag dat België effectief ophoudt te bestaan. Die constructie laten functioneren wordt erg moeilijk als die territoriale verbinding er niet is.
- Zij blijven de klemtoon leggen op drie gewesten, waardoor Vlaanderen alleen komt te staan tegenover twee duidelijk vijandige gebieden.
- Zij stellen alles in het werk om het imago van Vlaanderen in het buitenland te bezwadderen. Vandaar hun klachten bij de Raad van Europa. Vandaar hun shownummer waaruit zou moeten blijken dat je in Waalse gemeentehuizen wel documenten kunt krijgen in diverse talen. Dat je in Brusselse OCMW-ziekenhuizen als patiënt nauwelijks begrepen wordt als je Nederlands spreekt, verzwijgt men wijselijk.
- De haat tegen alles wat Nederlandstalig is te Brussel en in Vlaams-Brabant neemt schrikwekkende proporties aan. Als het ooit tot een splitsing komt, is terroristisch geweld vanuit Franstalige hoek niet uit te sluiten. De haatpropaganda die in de Franstalige kranten bijna dagelijks verschijnt, zorgt voor de nodige voedingsbodem.
De Vlaamse onmacht tegenover dit alles is schrijnend. Vooral omdat deze onmacht geen natuurramp is, maar wel een gevolg van een gebrek aan politieke moed. Vlaanderen moet durven alternatieven stellen. Solidariteit met een regio die zich aanhoudend vijandig opstelt, is géén vanzelfsprekendheid. Het stopzetten van die geldstroom moet niet enkel in wat provocerende kranteninterviews beleden worden: er moeten concrete stappen gezet worden in die richting. Vlaanderen moet zich niet laten afdreigen door alarmbellen en belangenconflicten. Tegenover zoveel Franstalige kwaadwilligheid moet Vlaanderen eenvoudigweg de macht van het getal laten spelen. Het volstaat bijvoorbeeld om de federale begroting niet langer goed te keuren. De Franstaligen hebben België nodig, wij niet.
Ook op internationaal vlak moet Vlaanderen zich als zelfbewuste regio laten gelden. Wij moeten ons niet afvragen “wat doen we verkeerd” als de rapporteurs van de Raad van Europa ons in een kwaad daglicht stellen. Wij moeten klaar en duidelijk zeggen dat die rapporteurs hier niets te zoeken hebben. Onze grondwettelijke tradities bevatten alle waarborgen om als moderne democratie te functioneren. En enkel rechters die deze tradities kennen en doorleefd hebben, kunnen hierover oordelen. De pluimgewichten uit de Raad van Europa voldoen duidelijk niet aan dit criterium.
Vlaanderen heeft nog altijd alle kansen om een welvarende staat te worden. Maar dan moeten onze politici doen wat moet gedaan worden: niet langer hun tijd verliezen met oeverloos gepraat in een Belgisch overlegmodel, maar resoluut het lot in eigen hand nemen.
Het tijdperk van de Belgische staatshervormingen is voorbij, het is tijd voor Vlaamse staatsvorming.
Johan Vanslambrouck
Voorzitter IJzerwake
|